“We zijn in tien jaar behoorlijk gegroeid. Ik was benieuwd wat er zou gebeuren als ik Alice met de ogen van nu zou bekijken, of ik er een betere voorstelling van kon maken.” Met hetzelfde decor en dezelfde muziek als uitgangspunten, hebben Timmermans en zijn dansers er toch een heel andere draai aan gegeven. “Destijds waren het vier meisjes, die om beurten Alice, het konijn, de rups, de muis, de kat en de koningin waren. Nu dansen er drie vrouwen én een man. De impact van die wijziging is enorm. De man transformeert van de schrijver in de personages die Alice ontmoet, en de danseressen zouden eigenlijk allemaal Alice kunnen zijn. Tijdens repetities blijkt wel of sommige ideeën werken. Het werkproces is er een van groeiend inzicht. Het is fascinerend: je zegt A, maar je weet niet wat de rest van het alfabet wordt.”

Voer voor psychologen
Op volwassen niveau is Alice typisch voer voor psychologen. Alles speelt zich af in de wonderlijke wereld van de fantasie, op de grens van droom en werkelijkheid. “Of is het de werkelijkheid van de droom?” Timmermans bekijkt het liever vanuit de belevingswereld van een kind: “Je hoeft niet infantiel te doen omdat je voor kinderen werkt. Voor een ‘gezonde’ volwassene is het bijna gênant om dingen te zien die er niet zijn. Het brein van een kind heeft het vermogen om van werkelijkheid en fantasie één wereld te scheppen. Daar werk ik graag mee: de logica van het onlogische. Toch zijn alle scenes helder; het is juist de opeenvolging van de gebeurtenissen die verwondering creëren.”
Zo gek als een draaideur
In het boek Alice in wonderland ontmoet de hoofdpersoon vreemde figuren en eigenwijze dieren, die haar meermaals om de tuin leiden. Timmermans laat zich niet dwingen door de keuzes die de schrijver maakt: “Ik verzin er dingen bij of ik neem een metafoor juist heel letterlijk. Zo krijgt het muisje geen staartje, maar een staart van wel twintig meter. En Alice wordt ook daadwerkelijk ‘om de tuin’ geleid, en de schrijver wordt de kleren van het lijf ‘gevraagd’, waardoor hij in een konijn verandert. Ik ga aan de haal met details en die maken dan weer een nieuw verhaal. Zo gek als een deur, daar maak ik zo gek als een draaideur van. En die draaideur speelt zowel fysiek als voor het verhaal een centrale rol op de dansvloer, terwijl die helemaal niet in het boek voorkomt.”
Een slimme meid
Net als het boek van Carroll uit 1865 verwijst Timmermans’ gedanste versie in een gestileerde vorm naar het menselijk gedrag. De menselijke emotie blijft hierbij het uitgangspunt. Het thema is universeel: “Hoe sterk is het individu? Alice beleeft natuurlijk wel een innerlijke strijd. Na continu van het kastje naar de muur gestuurd te zijn, neemt zij de macht over en wordt uiteindelijk de ‘leading lady’. Dat moest wel in het stuk, dat je niet hoeft te eindigen als slachtoffer; een slimme meid is op alles voorbereid! Dat gaf nog wel een probleempje bij de rolverdeling: wie laat ik nou de koningin zijn?” Alsof dat een uitdaging was voor de creatieve geest van een bevlogen choreograaf: “Lewis Carroll komt natuurlijk helemaal niet voor in zijn eigen boek, en daarmee heb ik me wel heel wat op de hals gehaald: als ik hem in het stuk introduceer, moet ik hem natuurlijk ook wel terugbrengen.”