Sommige kinderen lijken alles extra sterk te voelen. Een drukke klas, harde geluiden, veel mensen, onverwachte veranderingen of veel emoties op één dag. Dit kan ervoor zorgen dat een kind snel vol raakt. Dat heeft te maken met prikkelverwerking.
Prikkelverwerking klinkt misschien ingewikkeld maar eigenlijk betekent het heel simpel: hoe het lichaam en het brein alle informatie verwerken die binnenkomt. En juist dans en beweging kunnen daar op een heel fijne manier bij helpen.
Het brein van een kind moet de hele dag door prikkels sorteren en verwerken. Bij sommige kinderen gaat dat makkelijk. Bij andere kinderen komt alles harder of sneller binnen. Dan kan het gebeuren dat ze overprikkeld raken. Dat zie je soms terug in gedrag zoals snel boos of verdrietig worden, druk of onrustig gedrag, moeite met concentreren, huilen om ‘kleine dingen’ of moeite met overgangsmomenten.
Belangrijk om te weten is dat een kind dit niet expres doet. Het lijf en het zenuwstelsel geven simpelweg aan: het is te veel.
Waarom dans kinderen helpt
De voorstellingen van de Stilte bieden kinderen ruimte om even uit alle prikkels van de dag te stappen. Het decor, de muziek, de dans en de verstilling zorgen ervoor dat er ruimte ontstaat voor verbeelding. Gedachten mogen even afdwalen en juist daardoor kan de volheid in het hoofd afnemen.
Bij de Stilte willen we kinderen laten ervaren dat verbeelding beweging in gang zet. Kinderen verwerken niet alleen met hun hoofd maar vooral met hun lichaam. Wanneer een kind zich verliest in beweging of fantasie, verschuift de aandacht van alle prikkels om hen heen naar de eigen beleving. Dat helpt om spanning los te laten en opnieuw rust en focus te vinden.
Door verbeelding ga je bewegen
Door in te zetten op verbeelding, leid je een kind weer terug naar zichzelf. Vanuit die opnieuw hervonden focus en concentratie kan een kind zichzelf beter reguleren. Een mooie opdracht hiervoor is bijvoorbeeld Kriebelvingers.
Je maakt als ouder of pedagogisch medewerker van je vingers kleine kriebelbeestjes. Deze kriebelbeestjes lopen over jezelf of over het kind. Vervolgens mag het kind ook van zijn handen een klein kriebelbeestje maken dat zijn eigen route volgt. Waar gaat het kriebelbeestje naartoe? Wat ontdekt het onderweg? Door fantasie en beweging te combineren ontstaat vaak vanzelf meer rust en aandacht.
Dans hoeft niet perfect te zijn
Bij dans denken volwassenen soms aan pasjes, techniek of ‘goed kunnen dansen’. Maar voor prikkelverwerking gaat het daar helemaal niet om. Het gaat juist om vrij bewegen, plezier maken, ontladen, voelen en reguleren. Er is geen goed of fout. Juist speelse, vrije beweging werkt vaak het best.
Een eenvoudig idee voor thuis of in de klas is bijvoorbeeld een variant op Maria Koekoek met dieren. Kinderen bewegen als een dier uit terwijl ze naar de overkant bewegen. Hoe beweegt een olifant? Hoe sluipt een kat? Hoe springt een kikker? Door kinderen vanuit hun verbeelding te laten bewegen, ontstaat er spelenderwijs ontspanning en plezier.
Tot slot
Kinderen hebben niet altijd woorden voor wat er in hen gebeurt maar hun lichaam vertelt vaak veel. Als een kind veel prikkels moet verwerken, kunnen dans en verbeelding een zachte en speelse manier zijn om weer ruimte, rust en balans te vinden.
Dans helpt kinderen niet alleen om energie kwijt te raken maar ook om zichzelf beter te voelen. En soms is dat precies wat een kind nodig heeft, gewoon even naar verbeelding bewegen.